Als je veel uren stopt in het schrijven van je boek, dan wil je ook gelezen worden. De manuscripten die ik onder ogen krijg, zijn vaak interessant en goed doordacht. Maar geregeld tik ik in de kantlijn: probeer wat aansprekender te schrijven. Dat kan op allerlei manieren.

De tip van vandaag: laat je eigen enthousiasme doorklinken in je verhaal.

Kijk. Je bént bovengemiddeld geboeid door het onderwerp, anders schreef je dit boek niet. Maar veel schrijvers raken dit vuur gaandeweg een beetje kwijt. Of denken dat het niet past in schrijftaal. Van dat waakvlammetje worden je lezers niet direct erg warm. Dus pook de boel op en laat merken dat dit verhaal jou aan het hart gaat. Dat werkt aanstekelijk.

Terug naar waar het begon

Stap even uit je tekst en vraag je af waar dit groeiende Word-document ook alweer mee begon. Waarom wilde je dit boek schrijven? Wat fascineert jou zo aan dit thema? Roep dat enthousiasme weer op en breng het in je tekst.

Dat hoeft niet op zijn Freek Vonks of Erik Scherders maar kan ook subtieler.

Stefan Buijsman schrijft bijvoorbeeld deze zinnen in zijn boek Plussen en minnen over wiskunde:

‘Zonder dat Newton het had kunnen weten was zijn voorkeur voor een theorie met mooie wiskunde een groot succes. De wiskundige voorspellingen blijken geweldig nauwkeurig te zijn, zonder dat zijn theorie daarop gemaakt was, daar onder die appelboom op het Engelse platteland.’

Een andere schrijver die ik begeleid schrijft een boek over tennis. Zijn plezier klinkt niet alleen door in de stukken over tennisjargon en zijn mooie observaties van de amateursporter, maar ook in de verhalen over legendarische tennissers. Uit zijn research spreekt bezieling, hij schrijft dingen als:

‘Op 23 juni 1974 noteert Arthur Ashe in zijn dagboek: “Iedere keer dat ik Connors vandaag tegenkwam in de kleedkamer, kostte het al mijn wilskracht hem niet op zijn gezicht te slaan.” ‘

Ook Oermens 2.0, over oude genen in nieuwe tijden, barst van het vuur. Mikkel Hofstee vertelt vol bevlogen ontzag hoe geniaal ons lijf in elkaar zit.

Ja, maar ik schrijf over de gemeente

Sommige boeken lenen zich wonderwel voor een enthousiaste toon. Chief Ouwe Dibbes, over Sander de Kramer, volksheld in Afrika, bijvoorbeeld. Daar mocht ik me tegenaan bemoeien als redacteur en daar zit hoe dan ook al veel geestdriftigs in.

Maar ook – juist! – verhalen die zich er op het eerste gezicht minder voor lijken te lenen, zijn een stuk aansprekender te maken door je eigen ziel en drijfveer meer te laten doorklinken. En het schrijft ook nog eens een stuk prettiger. Zet hem op!

***

Wil jij je verhaal ook goed op papier krijgen? Dit najaar heb ik nog twee plekken vrij voor ondernemers die een schrijfcoach kunnen gebruiken. Lees meer over hoe zo’n samenwerking eruitziet of neem direct contact met me op. Ik ben benieuwd naar je verhaal!

Andere berichten

Nog geen reacties


Voeg een reactie toe

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *